HCA-column: Ervaringsdeskundigen

Het mkb wordt vaak de ruggengraat van onze economie genoemd. Maar begrijpen beleidsmakers en partners van het mkb eigenlijk wel goed genoeg hoe ondernemers werken, denken en beslissen? In deze column reflecteert Ron Brans op de afstand die soms bestaat tussen beleid en praktijk, en op het belang van ervaringsdeskundigheid om die kloof te overbruggen.

Ervaringsdeskundigen 

Thema van deze nieuwsbrief is het MKB. Daar moeten we meer voor doen. Het MKB is immers cruciaal voor Nederland als de ruggengraat van de economie, de groep ondernemers die zorgt voor veel banen, die innovatie stimuleert en die essentieel is voor de lokale gemeenschappen door bij te dragen aan werkgelegenheid, sociale cohesie en de levenskwaliteit. Kortom alleen als we daar stevig voet aan de grond krijgen, maken we echt impact. 

Maar hoe dan? Staan beleidsmakers, bestuurders, van andere leden van de triple of zelfs quadrupel helix niet mijlenver van het MKB af? Jacco Vonhof, boegbeeld en voorzitter van het MKB verwoordde het ooit eens als volgt: als er gesproken wordt over 2030, denkt de MKB-ondernemer aan het tijdstip na het journaal, als de kinderen op bed liggen en er nog ruimte is om een laatste factuur of offerte de deur uit te doen. Hij denkt niet aan het jaar 2030 waarin via een sterk werkend ecosysteem gezorgd is voor een stimulerende leercultuur waarin innovatie en inclusiviteit al dan niet via open hiring of strategische personeelsplanning centraal staan, terwijl dat wel hetgeen is wat we aan het MKB vragen.  

Ik hoor het euvel vaker. We spreken elkaars taal niet. Tim ’S Jongers heeft het boek ‘Armoede uitgelegd aan mensen met geld’ geschreven, waarin hij op inzichtelijke wijze laat zien dat beleidsbepalers niet in staat zijn om goede armoedebestrijding te ontwikkelen simpelweg omdat ze nooit armoede hebben meegemaakt. In de jeugd-, en verslavingszorg wordt tegenwoordig in toenemende mate gewerkt met ervaringsdeskundigen. Mensen die het hebben meegemaakt, die het hebben doorstaan of hebben overwonnen en die van binnen uit weten wat er nodig is om zaken te verbeteren.  

Gelukkig kunnen we binnen onze Human Capital Agenda steeds meer gebruikmaken van mensen die een achtergrond hebben in ‘het bedrijfsleven’ en dan niet bij corporates, maar bij kleinere en middelgrote bedrijven (ik denk hierbij concreet aan enkele kwartiermakers en programmaleiders). Ze verbazen zich over de taal, de (stroperigheid van) procedures, de (veelheid aan) regels en wijze van besluitvorming, maar zijn met hun achtergrond in staat tot ‘verbindende communicatie’ al zullen ze dat zelf nooit zo noemen.  

Door ongelukkige omstandigheden (mijn vrouw is onlangs overleden en ik ben erfgenaam van haar BV) mag ik mij sinds kort ook een soort MKB-ondernemer noemen. Toch is er meer nodig dan een KvK-nummer om de taal spreken, de MKB-er te begrijpen en om echt aan te sluiten, ook al snap ik nu dat het om half negen tijd is om de kwartaalaangifte BTW in orde te maken. Tot die tijd maken we dankbaar gebruik van ervaringsdeskundigen en proberen we met onze eigen ‘ondernemende’ werkwijze de kloof te dichten, maar blijf ons er vooral op attenderen hoe we dit nog beter kunnen doen. Alleen samen kan de echte impact worden gerealiseerd. 

– Ron Brans, Strategisch Projectadviseur Human Capital