Campussen en facility sharing

Campussen en facility sharing

In 2014 is vanuit de EPZ de werkgroep Campussen gestart. Na een eerste inventarisatie is besloten langs twee lijnen mogelijkheden voor actie vanuit EPZ te identificeren: facility sharing en versterken van het ecosysteem van campussen.

Versterken van het ecosysteem voor campussen
Kort na de start van de werkgroep Campussen startte het traject Regionaal Investeringsprogramma. Deze lijn is in samenhang hiermee opgepakt en heeft geresulteerd in concrete proposities voor de campussen van Leiden en Delft en de infrastructuur voor fieldlabs. Vanuit de werkgroep is daarnaast nagedacht over de verschillende typen campussen en hoe daarmee om te gaan vanuit EPZ.

Door Buck Consultants International is de studie ‘Hotspots in de Zuidvleugel. Input voor de investeringsstrategie Economische Programmaraad Zuidvleugel’ uitgevoerd. Hierin worden drie typen hotspots onderscheiden:
Campus: voortgekomen uit onderzoeksinstelling, met focus op (fundamenteel) onderzoek en clusterontwikkeling, o.a. campussen en incubators voor techno-starters
Hotspot: voortgekomen uit bedrijf of instelling (industrial hotspot) of uit onderwijs-instelling (education hotspot), met focus op praktijkgericht onderzoek en innovatie in samenwerking met een ecosysteem van MKB
Bedrijfscampus: grote R&D-vestiging van multinational, geen open innovatie

Voor de EPZ en haar afzonderlijke leden worden een zestal handelingsperspectieven geschetst:
1) Versterken van campussen van nationaal belang (Delft en Leiden)
2) Uitbouwen van regionale hotspots/bottom-up initiatieven onder de voorwaarden van concrete investeringsplannen, financiële bijdrage van minimaal 50% van bedrijven en kennisinstellingen en duidelijke trekker(s) vanuit het bedrijfsleven.
3) Faciliteren van bedrijfscampussen
4) Alert zijn op witte vlekken
5) Verbinden met onderwijs en arbeidsmarkt
6) Bouwen aan onderscheidend vermogen van de Zuidvleugel op basis van dragers van de Next Economy

In november 2016 is besloten dat de EPZ zich richt op twee zaken:
– Versterking campussen van nationaal belang in de regio: Delft en Leiden. De EPZ blijft deze campussen steunen op basis van concrete vragen.
– Generieke knelpunten en uitdagingen die spelen bij meerdere hotspots/bottom-up initiatieven en bedrijfscampussen zoals bijvoorbeeld de financiering van de fieldlabinfrastructuur.

Facility sharing
In 2016 is de verkenning naar betere benutting van de aanwezige onderzoeksfaciliteiten voor fundamenteel en praktijkgericht onderzoek, testlocaties, praktijkopstellingen, onderwijsinfrastructuur etc. uitgevoerd.
Op basis van een serie gesprekken met de vertegenwoordigers van verschillende faciliteiten en uitgebreide literatuurstudie is geconstateerd dat er geen rol ligt voor de EPZ. De verschillen tussen de faciliteiten zijn te groot om regiobreed een gemeenschappelijke actie te ontwikkelen die echt synergie oplevert. Het gaat hierbij om verschillen tussen aanbieders, aangeboden diensten en doelgroepen.

Kansrijker is om bottom-up partijen te verbinden die raakvlakken hebben op deze punten. Hierop lopen inmiddels de volgende acties:
Provincie Zuid-Holland en MRDH verkennen mogelijkheden voor crossovers tussen klantenkringen. (pilot BioProcessFacility en Demokwekerij) Aanbod faciliteiten (en fieldlabs) wordt expliciet onderdeel van de regionale brandingsstrategie ‘Real Life testing ground’
De universiteiten en UMC’s werken aan het verder inzichtelijk maken van hun aanbod voor externe partijen

Bestuurlijk eigenaar: Frank Teeuwisse, Carin Huibers, Robert Strijk, Victor Elsendoorn

download hier de analyse: 20151115_Hotspots Zuidvleugel

Experts delen ervaringen Horizon 2020 tijdens Ronde Tafel

Experts delen ervaringen Horizon 2020 tijdens Ronde Tafel

Op 15 november organiseerde InnovationQuarter in samenwerking met dhr. Matthijs van Miltenburg – lid van het Europees Parlement – een Ronde Tafel over de implementatie van Horizon 2020, het grootste Onderzoeks & Innovatie programma van de Europese Unie.

Horizon 2020 is het programma van de Europese Commissie om Europees onderzoek en innovatie te stimuleren. Horizon 2020 loopt sinds 1 januari 2014 en is de opvolger van het Zevende Kaderprogramma (KP7). Horizon 2020 krijgt een totaalbudget van ongeveer €80 miljard voor de periode 2014-2020. Met Horizon 2020 willen de Europese Commissie en de Nederlandse overheid wetenschap en innovatie stimuleren in het bedrijfsleven en de academische wereld. Zo kunnen zij het concurrentievermogen van Europa vergroten. Daarnaast willen zij het bedrijfsleven en de academische wereld uitdagen om samen oplossingen te bedenken voor maatschappelijke vraagstukken die in heel Europa spelen. Bijvoorbeeld voor klimaatverandering, vergrijzing, voedselveiligheid en betaalbare duurzame energie.

Ronde Tafel
Als Europarlementariër en meer specifiek als lid van de parlementaire commissie Regionale Ontwikkeling was dhr. van Miltenburg tijdens de Ronde Tafel benieuwd naar de ervaringen van diverse experts, hun kijk op de interim evaluatie van Horizon 2020 en hun visie op de toekomst van het Europese Onderzoeks- en Innovatie programma. Aan tafel zaten afgevaardigden van Kansen voor West (Gemeente Rotterdam), TNO, het Ministerie van Economische Zaken, het Leiden Universitair Medisch Centrum (LUMC), Economische Programmaraad Zuidvleugel (EPZ) en InnovationQuarter.

Food for thought
Hoewel alle aanwezigen grotendeels op één lijn zaten wat betreft hun visie op bijvoorbeeld synergiën tussen fondsen en de problemen daarin, waren er ook gebieden waarop de meningen zeer uiteenliepen. Hoe ziet een toekomstig programma idealiter in elkaar? Waar liet Horizon2020 wat liggen? Waar zouden prioriteiten moeten liggen? Al met al een zeer enerverende middag boordevol kritische noten, ideeën en vooral heel veel ‘food for thought’.

Roadmap Next Economy

Roadmap Next Economy

De RNE is het economische antwoord van de regio op de uitdagingen van nu, waarbij twee ontwikkelingen boven alles uit torenen: de snelle ontwikkeling van internettechnologie en de overgang naar schone energie. De RNE bevat een strategie en een actieprogramma die ervoor moeten zorgen dat de economie van de metropoolregio klaar is voor de toekomst.

De Roadmap vloeit voort uit de ‘City Deal’ die een jaar geleden is gesloten door de Ministers van Economische Zaken en Binnenlandse Zaken, de provincie Zuid-Holland en de Metropoolregio Rotterdam Den Haag, gesteund door de Economische Programmaraad Zuidvleugel (EPZ). Met de oplevering van de Roadmap Next Economy is de City Deal afgerond.

Smart Transities
De doelen van de roadmap richten zich op Smart Digital Delta, Smart Energy Delta, Circular Economy en Entrepeneurial Region.

Lees meer: Roadmap Next Economy in kort bestek

Life Sciences & Health

Life Sciences & Health

De topsector Life Science and Health staat hoog op de agenda van de EBZ. De board ziet economische kansen op het domein Regeneratieve geneeskunde voor de regio en het landelijk initiatief RegMed XB. In REGMED XB (REGenerative MEDicine crossing Borders) werken straks gezondheidsfondsen, wetenschappers, ondernemers en artsen samen vanuit hun eigen instellingen.

Positie innemen met regeneratieve geneeskunde

Regeneratieve geneeskunde heeft tot doel het herstellen van zieke of beschadigde weefsels en organen. Hiermee kunnen we wat nu chronische ziektes zijn in de toekomst mogelijk genezen en leed en zorgkosten besparen. In de EBZ vergadering is besloten om de Regeneratieve geneeskunde propositie als een belangrijke economische kans voor de regio te verankeren in de roadmap next economy. Daarnaast ondersteunt de regio de RegMed XB propositie in de nationale wetenschapsagenda. Als derde punt is gesproken over profilering en branding. Inzet is de regio te positioneren als nationaal en Europees valorisatiecentrum voor regeneratieve geneeskunde en Leiden Bioscience Park als het bioscience park van Nederland met focus op LSH, met name biotech en big farma.

initiatief in archief

Dit is een faketekst. Alles wat hier staat is slechts om een indruk te geven van het grafische effect van tekst op deze plek. Wat u hier leest is een voorbeeldtekst. Deze wordt later vervangen door de uiteindelijke tekst, die nu nog niet bekend is. De faketekst is dus een tekst die eigenlijk nergens over gaat. Het grappige is, dat mensen deze toch vaak lezen. Zelfs als men weet dat het om een faketekst gaat, lezen ze toch door.