Zuid-Holland wil de beroepsbevolking 5–15% productiever maken. Daaraan is sinds 2019 gewerkt met de Human Capital Agenda. Met de vernieuwde HCA wordt de aanpak aangescherpt, door gericht te werken aan slimmer werken, opdat met dezelfde mensen meer productie kan worden geleverd. Joyce Oomen verkent namens Team Human Capital waar kansen liggen. Hoe bestaande en nieuwe initiatieven verbonden en opgeschaald worden om zowel technologische als sociale innovatie te versnellen?

Op dit moment ontwikkelt Joyce Oomen samen met Team Human Capital een programmaplan Slimmer Werken, dat niet opnieuw het wiel uitvindt, maar focust op het (sneller) opschalen van vooral bestaande initiatieven die veelbelovend zijn op het vlak van arbeidsbesparing en betere talentbenutting.

Waarom deze versnelling nodig is

De arbeidsmarkt krimpt. Het aantal werkenden neemt af, terwijl de maatschappelijke opgaven groeien: energietransitie, digitalisering, zorg, onderwijs, defensie en woningbouw drukken allemaal zwaar op de vraag naar arbeid. De HCA bereikt al mooie resultaten – duizenden mensen worden geschoold of voorbereid op nieuwe stappen – maar de structurele krapte vraagt om méér.

Het vergroten van arbeidsproductiviteit is daarbij geen kwestie van mensen harder laten werken. Het gaat om waardevoller en slimmer werken, in vier domeinen:

  1. Het stimuleren van kennis en vaardigheden: leven lang ontwikkelen, praktische leeromgevingen en werken aan nieuwe beroepsvaardigheden.
  2. Werk slimmer organiseren: autonomie, betere processen, teamleren en minder bureaucratie.
  3. Technologie en innovatie: robotisering, digitalisering en AI, mensgericht toegepast.
  4. Motivatie en cultuur: werkplezier en leiderschap dat ruimte geeft om te leren en te experimenteren.

Juist in de combinatie van deze domeinen zit de sleutel tot structurele groei. Bedrijven die investeren in zowel techniek als hun medewerkers, blijken veerkrachtiger, innovatiever én productiever.

De kracht van Zuid-Holland schuilt in het rijke netwerk

Deze aanpak bouwt verder op het rijke netwerk dat er al is. Zuid-Holland kent een enorme diversiteit aan campussen, fieldlabs, innovatiehubs en publiek-private samenwerkingen. Van de maakindustrie in Drechtsteden tot het Leiden Bio Science Park, van maritieme innovatie in Rotterdam tot energietransitie in de regio’s rond Delft en Den Haag. Overal werken bedrijven en kennisinstellingen aan vernieuwing.

Het programma moet zorgen voor richting, verbinding en versnelling, zodat innovaties sneller landen in het mkb, meer werknemers kunnen meebewegen en succesvolle experimenten regionaal opgeschaald worden.

Productiviteit als middel voor brede welvaart

Productiviteit wordt geen doel op zich. Het uiteindelijke streven van de provincie is brede welvaart voor álle Zuid-Hollanders: een economie die draait, bedrijven die kunnen groeien en mensen die gezond en met plezier kunnen werken.

Daarom zal het programma inzetten op technologische én sociale innovatie. Want een productieve organisatie is niet alleen efficiënter, maar ook een plek waar mensen met plezier bijdragen aan innovatie en vooruitgang.

De komende maanden werkt Joyce Oomen, samen met partners in de regio, aan een concreet programmaplan. Eind februari wordt het plan voorgelegd aan de Taskforce en moet het leiden tot een nieuw deelakkoord in 2026.  Eén ding staat vast: Zuid-Holland kiest niet voor harder werken, maar voor slimmer, samen en toekomstgericht werken. En dat is precies wat deze tijd vraagt.

 Heb je een goed idee? Laat het weten!

Werk jij aan een initiatief of project dat bijdraagt aan slimmer werken? Of heb je een goed idee dat past binnen deze ambitie? Joyce komt graag in contact met vernieuwers, doeners, pioniers en ondernemers die willen meebouwen aan een productiever Zuid-Holland.

📩 Mail je idee of initiatief naar Joyce, p/a thaiza.kwas@economicboardzuidholland.nl

De Provincie Zuid-Holland heeft een projectsubsidie toegekend aan i_lab Gorinchem voor het nieuwe deelakkoord “Leven Lang Innoveren en Leren in Regio Gorinchem”. Na een eerder positief advies van de Taskforce Human Capital maakt dit akkoord de volgende stap mogelijk in het versterken van een toekomstbestendige arbeidsmarkt in regio Gorinchem. i_lab werkt als coöperatief platform aan de verbinding tussen leren, werken en innoveren, vanuit de regionale beroepen- en innovatiecampus in Gorinchem en als knooppunt binnen het netwerk van onderwijs, bedrijfsleven en overheid.

(Sociale) innovatie en leven lang leren

Het programma zet (sociale) innovatie en een leven lang leren in als drijvende kracht achter een veerkrachtige en toekomstbestendige regio. Werkenden worden ondersteund om innovaties te ontwikkelen, toe te passen en breed te verankeren in de dagelijkse praktijk. Innovaties krijgen immers pas blijvende impact wanneer zij gedragen worden door de professionals die ermee werken. Daarmee draagt het deelakkoord direct bij aan de productiviteit, innovatiekracht en kwaliteit van organisaties in de regio.

Aad van Pelt, strategisch projectadviseur Human Capital en betrokken bij de totstandkoming van het deelakkoord, benadrukt de waarde van deze stap:
“Ik volg i_lab al jaren en heb het leren kennen als een heel mooi initiatief. Dit programma geeft antwoord op de leervraag van veel bedrijven die streven naar een veerkrachtige en toekomstbestendige regio. Hoe ontwikkel je innovaties, hoe voer je ze door en zorg je voor commitment binnen je bedrijf? Het programma draagt tevens bij aan de verhoging van de arbeidsproductiviteit. Precies één van de speerpunten van de Human Capital Agenda 2025–2030.”

 

De Innovatie Expeditie: leren door te doen

Een belangrijk onderdeel van het programma is de Innovatie Expeditie: een praktijkgerichte aanpak waarbij medewerkers aan de slag gaan met een concreet vraagstuk uit hun eigen organisatie. Van robotisering tot digitalisering met AI. Steeds staat leren door te doen centraal. Er zijn geen dikke plannen, maar hands-on begeleiding door experts en directe toepassing in het dagelijkse werk.

Deelnemende bedrijven krijgen:

  • Maatwerkbegeleiding van innovatie- en technologie-experts
  • Versnelling op de werkvloer rond één helder vraagstuk
  • Nieuwe vaardigheden en samenwerking binnen en tussen organisaties
  • Direct toepasbare oplossingen die waarde toevoegen

Volgens Louisa Visser, directeur van i_lab, maakt juist deze werkwijze het programma sterk:
“Door te werken vanuit echte vraagstukken op de werkvloer ontstaat innovatie die meteen relevant is en resultaat oplevert. Wat deze aanpak zo sterk maakt, is de samenwerking: bedrijven die elkaar inspireren, leren van experts en nieuwe vaardigheden ontwikkelen die blijvend waarde toevoegen. We investeren niet alleen in techniek, maar ook in mensen en daarmee in de toekomstbestendigheid van onze regio.”

Meerwaarde voor bedrijven en werkenden

Het deelakkoord voorziet in een leerprogramma dat werkenden gedurende hun loopbaan ondersteunt bij het ontwikkelen en toepassen van innovaties in de praktijk. Naast technische vaardigheden is er aandacht voor soft skills en samenwerking tussen generaties. Bedrijven worden zo geholpen om innovatiekracht te vergroten én om blijvende impact te realiseren.

Kwartiermaker en programmaleider Kim van Eijck ziet dat deze aanpak aansluit bij de behoefte in de regio:
“In elke organisatie zit veel innovatiekracht verstopt. Die komt vrij wanneer medewerkers ruimte krijgen om hun eigen vraagstuk op te pakken, met de juiste experts en begeleiding. De belangstelling in de regio is groot; bedrijven herkennen de waarde en durven mee te bewegen. Deze manier van werken is nodig om vooruitgang te boeken: productiviteit verhogen, kwaliteit verbeteren en inspelen op grote opgaven, van digitalisering tot arbeidsmarktkrapte. Ik ben trots op de inzet van onze deelnemers, trainers en partners zoals BUas, die bedrijven helpen om tempo te maken en impact te realiseren.”

Ervaringen uit de praktijk: innovatie op de werkvloer

Verschillende bedrijven in de regio zijn al actief betrokken en delen hun ervaringen:

  • Royal Van der Leun werkt met teams van ervaren medewerkers en jong talent samen aan de standaardisering van programmeercode. Engineer Mees de Gelder vertelt:
    “Met behulp van AI ontwikkelden we een tool die programmering automatisch analyseert en standaardiseert. Hierdoor leveren we sneller en foutlozer op, en blijft expertise beschikbaar. Het geeft energie om te zien dat onze aanpak echt werkt.”
  • Bij Hermeta ligt de focus op robotisering van de inpakafdeling. Corrie Meijdam benadrukt het belang van samenwerking:
    “Je leert veel van de mensen om je heen. Het traject helpt ons organisatiebreed focus te creëren en écht door te pakken. Zichtbare verbeteringen — hoe klein ook — zijn waar we het voor doen.”
  • Redfox onderzoekt hoe AI-tekeningen automatisch kan beoordelen op fouten. Directeur Peter Ouwehand ziet de directe waarde:
    “Hoe eerder je fouten ziet, hoe beter. De inzichten van andere bedrijven en experts helpen ons om sneller stappen te zetten. Als we AI slim integreren in ons werk, levert dat direct waarde op — voor onze mensen én onze klanten.”

Groot draagvlak in de regio

I_lab is een coöperatie van onderwijs, overheid en ondernemers. Er zijn 6 schoolbesturen, 7 regiogemeentes en ruim 50 bedrijven bij aangesloten. Het dagelijks bestuur bestaat uit vertegenwoordigers vanuit onderwijs, overheid en ondernemers.

Het deelakkoord wordt gedragen door een breed netwerk van regionale partners. De leden van de Kopgroep van het deelakkoord/programma zijn: Van der Leun Installatiebouw BV, Strago Electro Installatietechniek BV, Ouwehand Bouw Gorinchem BV, Red Fox Industriële Automatisering, Schilt bedrijven, Kwakernaak, Hakkers, Kiremko, Hermeta Metaalwaren BV, Tredion Automatisering BV, Van Dijk Inpijn Engineering BV, Merford BV, Rivas en LCG Logistiek Centrum Gorinchem BV

De looptijd van het programma is 2,5 jaar, van september 2025 tot en met december 2027.

Het deelakkoord/project levert de volgende bijdrage aan de Human Capital doelstellingen

  1. 350 tot 400 werknemers in staat stellen om zich te ontwikkelen
  2. 35 tot 40 werkgevers helpen arbeid beter te gebruiken

 

Lees meer op de website van i_lab 

 

Als ondernemer in Zuid-Holland ziet Jasper Neuteboom als geen ander wat er de komende jaren nodig is op de arbeidsmarkt: met minder beschikbare werknemers moeten we productiever worden en technologie slimmer inzetten. Zijn toetreding namens VNO NCW West tot de Taskforce Human Capital van de Economic Board Zuid-Holland past precies bij die opgave. Vanuit zijn ervaring als innovator weet hij waar ondernemers tegenaan lopen en welke kansen er liggen. Binnen de Taskforce werkt hij samen met andere bedrijven en met overheid en kennisinstellingen om bedrijven in de regio te helpen deze noodzakelijke transitie te maken.

 

Jasper Neuteboom 1 en compagnon Richard

 

Ondernemerschap uit technische nieuwsgierigheid

De loopbaan van Jasper Neuteboom, oprichter en directeur van Inventeers, begon vroeg: op zijn twaalfde wist hij al dat de technieksector zijn richting was. Via een bewust gekozen mbo-traject, gevolgd door hbo en een afstudeerperiode bij TNO, bouwde hij een breed technisch vakmanschap op. Met collega-stagiair en vriend Richard Mesman startte hij twintig jaar geleden Inventeers. “Wij begonnen zonder groot plan, maar wel met overtuiging. Samen iets bouwen dat écht waarde toevoegt, dat was het uitgangspunt. Die mentaliteit is nooit veranderd.”

 

Innovatie vanuit maatschappelijke urgentie

Voor Neuteboom is technologie geen doel op zich maar een antwoord op grote maatschappelijke opgaven. “De wereldbevolking groeit richting de 10 miljard. Tegelijkertijd krimpt de beroepsbevolking. Dat betekent dat we met minder werkenden meer mensen moeten voeden, verzorgen en ondersteunen. Zonder technologische vernieuwing is dat eenvoudigweg niet haalbaar.” Die dubbele druk, demografie en personeelstekorten, vormen de kern van Neutebooms ondernemerschap. Met Inventeers ontwikkelt hij producten en systemen die bijdragen aan voedselvoorziening, zorginnovatie, energietransitie en industriële automatisering. “We moeten werk anders organiseren. Menselijk contact en vakmanschap blijven essentieel, maar repetitief werk en processen die structureel tekortschieten kunnen we slimmer en efficiënter inrichten. Precies ook een van de pijlers van de Human Capital Agenda 2025-2030, waar ik me de komende jaren sterk voor wil maken.”

 

Inventeers ziet Technologische innovatie ook als antwoord op arbeidsmarktkrapte. “Technologie neemt geen banen weg; het zorgt dat de banen die we vandaag niet meer kunnen invullen, toch uitgevoerd worden.” Voorbeelden van innovaties waar Inventeers dagelijks mee bezig zijn:

  • Voedsel en landbouw: systemen om productie te automatiseren en te optimaliseren.
  • Zorginnovatie: oplossingen die zorgprofessionals ontlasten zonder het menselijk contact te verdringen.
  • Industrie: automatisering van repetitieve processen om schaarse werknemers vrij te spelen voor complexere taken.
  • Energietransitie: van slimme meters tot systemen die bijdragen aan verduurzaming.

 

Jasper Neuteboom 2

 

Circulariteit als ontwerpopgave

Naast innovatie voelt Neuteboom als ondernemer ook verantwoordelijkheid voor circulair ontwikkelen. “Wanneer we nieuwe producten ontwikkelen, denken we direct na over de eindfase. Hoe kan iets gedemonteerd worden? Kan het uit gerecycled materiaal bestaan? En wat betekent dat voor kosten en schaalbaarheid?” In projecten, zoals de ontwikkeling van slimme meters, vraagt hij om aandacht voor circulariteit, ook in aanbestedingen. “Als duurzaamheid in de uitvraag ontbreekt, blijf je achter de feiten aanlopen. Het moet onderdeel zijn van de opdracht, niet van de nabeschouwing.”

 

 

Een blik op duurzaam leiderschap

Ondernemen met een duidelijke visie vraagt veel, maar Neuteboom is helder over zijn prioriteiten. “Je eigen gezondheid en die van je team gaan altijd vóór groei. Dat besef maakt je scherper in keuzes. Duurzaam leidinggeven begint bij jezelf.” Voor zijn medewerkers betekent dat een organisatie waarin vakmanschap wordt gewaardeerd, ruimte is voor ontwikkeling en fouten onderdeel zijn van leren. “We bouwen aan technologie voor de toekomst, maar ook aan mensen die die toekomst vormgeven.”

 

VNO-NCW West

Ondanks snelle groei benadrukt hij het belang van in verbinding blijven. Met het team, met zijn compagnon, maar ook met andere ondernemers in de regio. Als lid van VNO-NCW West zit hij regelmatig aan ondernemerstafels om zijn blik op ondernemen te verbreden. “Ondernemen is soms eenzaam. Daarom zijn netwerken met andere ondernemers die exact begrijpen waar je mee bezig bent, welke verantwoordelijkheid je draagt en wat ondernemen inhoudt, zoals bij VNO-NCW, essentieel. Je leert het meest van mensen die ondernemen kennen en dezelfde verantwoordelijkheid dragen.”

 

Jasper Neuteboom 1

Een brede kijk op talent

Een inclusieve arbeidsmarkt begint volgens Neuteboom met een andere manier van werven. “Ik zoek niet naar een persoon die past in een bestaande functie. Ik kijk welke functie ik kan vormgeven rond de kwaliteiten van de kandidaat. Dat vraagt flexibiliteit van werkgevers, maar levert loyalere en productievere medewerkers op.” Hij ziet dat vooral jonge generaties inclusie en diversiteit vanzelfsprekend vinden en werkgevers daarop selecteren. “Als je talent wilt aantrekken, moet je als organisatie een omgeving bieden waarin iedereen tot zijn recht komt.”

 

Ook richt Neuteboom zich liever op vaardigheden dan op diploma’s. Hij is groot voorstander van een skillsgerichte arbeidsmarkt. “Competenties geven een veel beter beeld van het potentieel dan diploma’s alleen. Het vraagt wel om begeleiding en duidelijke verwachtingen. Niet iedere kandidaat past in elk ontwikkeltraject; daar moeten we eerlijk over zijn. Ze moeten wel graag willen” Volgens hem is dit precies het terrein waar de Human Capital Agenda kansen biedt: “We moeten systemen bouwen die gemotiveerde werkenden helpen overstappen tussen sectoren. Technologie verandert sneller dan opleidingen kunnen bijhouden. Daarom is leren op de werkvloer zo belangrijk. Mensen kunnen vraaggericht doorleren tijdens het doen van werk. Een flexibel skillsprofiel is essentieel om de arbeidsmarkt blijvend anders te laten werken. ”

 

Jasper Neuteboom 3

Inventeers Academy

Een van de initiatieven waar Neuteboom trots op is, is de Inventeers Academy: een leeromgeving waar mbo-, hbo- en wo-studenten samenwerken aan realistische opdrachten van bedrijven. “We hebben een omgeving gecreëerd waarin studenten interdisciplinair leren, bedrijven colleges geven en onze ingenieurs begeleiden. Daarmee ontstaat een praktische vorm van de Triple Helix: onderwijs, ondernemers en kennispartners die samen een innovatie-ecosysteem vormen.” De Academy trekt jaarlijks tientallen aanmeldingen, maar hanteert bewust een kleinschalige aanpak om kwaliteit te waarborgen. “Studenten leren niet alleen een vak, maar ook wat samenwerking in de praktijk betekent. Voor bedrijven is het een kans om talent vroeg te betrekken. En voor ons een manier om vakmanschap door te geven.”

 

Techniek en Human Capital: waarom de agenda urgent is

Voor Neuteboom is zijn deelname aan de Taskforce Human Capital een logische stap. “De cijfers liegen niet: we krijgen te maken met minder werkenden, toenemende zorgvraag en grote transities in energie en industrie. Het tekort aan vakmensen wordt structureel. De Human Capital Agenda Zuid-Holland 2025–2030 helpt ons deze uitdagingen niet los van elkaar te zien, maar als een samenhangende regionale opgave.”

 

In de Taskforce brengt Neuteboom veel praktijkervaring mee: samenwerking met onderwijsinstellingen, ontwikkeling en begeleiding van talent, technologische innovatie en het verbinden van bedrijven aan regionale ambities. “De Human Capital Agenda is geen abstract beleidsdocument. Het is actiegericht en een routekaart voor economische en sociale veerkracht in Zuid-Holland. Onze opdracht is om die routekaart te blijven vertalen naar concrete projecten die bedrijven, onderwijs en inwoners daadwerkelijk vooruithelpen.”

Hij ziet drie thema’s waarin hij direct waarde kan toevoegen:

 

  1. Leven lang ontwikkelen — praktijkomgevingen creëren waar mensen zich continu kunnen bijscholen.
  2. Een skillsgerichte arbeidsmarkt — niet cv’s, maar competenties centraal.
  3. Kennisoverdracht tussen generaties — essentieel voor het behoud van vakmanschap.

 

“Neuteboom ziet zijn rol binnen de Taskforce als een kans om samen impact te maken: ‘Als we onze krachten bundelen, kunnen we de regio toekomstbestendig houden. Dat is waar ik me voor inzet.’”

 

Op 27 oktober 2025 vond het jaarlijkse Human Capital Event plaats in het Provinciehuis Zuid-Holland, georganiseerd door de Economic Board Zuid-Holland en Provincie Zuid-Holland. Dit event markeerde de start van een nieuwe fase (2025–2030) van de Human Capital Agenda Zuid-Holland. Werkgevers, onderwijsinstellingen, overheden, kennispartners, intermediairs en andere geïnteresseerden kwamen samen met één doel: samen werken aan een wendbare, veerkrachtige arbeidsmarkt die Zuid-Holland voorbereidt op de toekomst.

Terugblik en urgentie

Vorig jaar werd de Human Capital Agenda positief geëvalueerd door de EUR (SEOR). Daarop is door alle partners samen de Human Capital Agenda 2025-2030 ontwikkeld. Een verdubbeld aantal partners heeft zich daaraan gecommitteerd. Tijdens het event is gesproken over het hoe van de aanscherpingen, waartoe met de vernieuwde agenda is besloten. De centrale boodschap van het event was daarmee: “Samen Doen Wat Werkt”.

De urgentie is groot: menselijk kapitaal is belangrijker dan ooit voor onze economie, arbeidsmarkt en brede welvaart. Zuid-Holland kent veel bedrijvigheid, zoals Europa’s grootste haven, het glastuinbouwcluster, Innovatie District Delft en Leiden Bio Science Park. Tegelijkertijd kampt onze provincie met de grootste arbeidstekorten van Nederland: 40% van de bedrijven ervaart hierdoor belemmering. Talent wordt onvoldoende benut, onder meer door een toenemende skills gap.

De komende jaren schroeven we daarom de ambitie verder op, met meetbare doelstellingen, nieuwe Deelakkoorden en samenwerkingsverbanden die een einde moeten maken aan de versnipperde aanpak in onze provincie. We gaan voor een fundamentele arbeidsmarktinnovatie, met andere woorden: een systeemdoorbraak. Een human capital ecosysteem, waarbij werkgevers, onderwijs en overheid nauw samenwerken aan concrete oplossingen voor arbeidsmarktvraagstukken. Niet vanuit losse initiatieven, maar met één visie en één agenda.

 

Thema’s en samenwerking

Het event draaide om drie ’aanscherpingen in de Human Capital Agenda, die een belangrijke plaats krijgen in de koers van alle partners samen voor de komende jaren:

  1. Slimmer werken – Hoe kunnen we technologie en arbeidsproductiviteit slimmer inzetten, met oog voor mens en organisatie?
  2. Ondersteuning voor het mkb – Hoe bereiken en ondersteunen we ondernemers en werkenden in het mkb nog effectiever dan nu het geval is?
  3. Brede lerende en toepassende kennisomgeving – Hoe leggen we effectieve verbindingen binnen de rijke, maar gefragmenteerde kennisinfrastructuur in Zuid-Zuid-Holland, onder andere gericht op het tegengaan van personeelskrapte, een betere match, intensieve bij- en omscholing en economische innovatie en groei?

Inzichten van de sprekers

 

Jeffrey van Meerkerk (voorzitter Taskforce Human Capital Zuid-Holland)

Jeffrey van Meerkerk, tevens dagvoorzitter, opende het event met een korte terugblik op een succesvolle eerste vijf jaren HCA en met een vooruitblik op de verhoogde ambitie die met de HCA 2025-2030 door de partners is uitgesproken. Tienduizenden mensen zijn opgeleid en aan de slag geholpen, duizenden bedrijven zijn geholpen en met € 50 miljoen gezamenlijke investeringen is circa € 6 miljard economische waarde gerealiseerd. Maar, zo benadrukte Jeffrey: we zijn er nog lang niet. Zoals SEOR het uitdrukte: ‘De HCA is een succesvolle formule en het fundament staat, dus nu meters maken voor een systeemdoorbraak!’

 

Meindert Stolk (Gedeputeerde Provincie Zuid-Holland)

Meindert Stolk benadrukte dat Zuid-Holland al langer te maken heeft met structurele uitdagingen zoals vergrijzing en een dalend aantal afstudeerders. Tegelijkertijd is de regionale economie juist bijzonder breed en veerkrachtig, met drie universiteiten, een sterk hbo- en mbo-netwerk en toonaangevende topsectoren. Juist die veelzijdigheid maakt het volgens Stolk uitdagend om als regio één herkenbaar profiel neer te zetten. Daarom wordt human capital steeds belangrijker: onder andere voor innovatie, om de arbeidsproductiviteit te vergroten en om het mkb te versterken. “Het beleid voor 2030 lijkt misschien nog ver weg,” zei Stolk, “maar de koers die we vandaag inzetten bepaalt ons succes van morgen.” De provincie is trots op de gezamenlijke Groeiagenda en Human Capital Agenda en ook op de brede vertegenwoordiging tijdens het event. “Samen elkaar een stap verder helpen, dát is waar het om draait.”

 

Goedele Geuskens (TNO)

Goedele liet zien dat de arbeidsproductiviteit in Zuid-Holland de afgelopen jaren achterblijft bij andere regio’s. Waar we in 2007 nog 5% boven het landelijk gemiddelde zaten, is dat in 2022 verdwenen. Toch is er veel potentie. Door vergrijzing en een krimpend arbeidspotentieel moeten we slimmer werken om brede welvaart te behouden. Grote maatschappelijke opgaven zoals energietransitie, veiligheid, zorg en verduurzaming vragen om meer mensen of om het slimmer organiseren van werk. Goedele benoemde vier knoppen waaraan je kunt draaien om arbeidsproductiviteit te verhogen: mensgerichte technologie, inzetbaarheid en ontwikkeling, slimmer organiseren van werk en snelle adaptatie van technologische en sociale innovatie. Regionale ecosystemen en samenwerking zijn essentieel om innovatie te versnellen en het gat tussen koplopers en middenmoters te verkleinen. Zuid-Holland heeft met de Human Capital Agenda en het ecosysteem, dat daaromheen is gebouwd, een mooie uitgangspositie om succesvol op verhoging van de arbeidsproductiviteit in te zetten. Daar werkt TNO graag mee, aldus Goedele.

 

 

Frank Slingerland (praktijkvoorbeeld: Campus Gouda)

Frank deelde hoe een netwerkorganisatie als Campus Gouda zorgt voor het versnellen van innovatie. Namelijk samen met en vooral ook gedragen door bedrijven in de regio. De netwerkorganisaties die bijvoorbeeld innovatietafels faciliteren, fungeren als ecosysteem waarbinnen partners worden samengebracht op specifieke onderwerpen en innovatie wordt versneld. Thema’s als bodemdaling, smart logistics en zorgtechnologie staan bij Campus Gouda centraal. Door per thema jaarlijks een evenement te organiseren en vraagstukken op te halen bij bedrijven en publieke partners wordt de innovatieagenda van Campus Gouda gevoed. Onder andere werken studenten in 20 weken samen met bedrijven aan prototypes die direct geïmplementeerd worden in de praktijk. Deze challenge based learning zorgt voor een informele, inspirerende samenwerking tussen onderwijs en werkgevers.

 

Josette Dijkhuizen (Hoogleraar, SER Kroonlid en ondernemer)

Josette presenteerde de resultaten van haar onderzoek over de duurzame inzetbaarheid van mkb ondernemers zelf. In opdracht van de Taskforce Human Capital heeft Josette in samenwerking met de bij de Human Capital Agenda aangesloten werkgeversverenigingen dit onderwerp onderzocht bij mkb ondernemers in Zuid-Holland. Uit het onderzoek blijkt dat veel mkb ondernemers te weinig stilstaan bij hun eigen ontwikkeling tijdens bepaalde levensfases, terwijl vitaliteit en groei ook voor hen essentieel zijn. Sparren met andere ondernemers kan hen helpen om te leren, te reflecteren een te vernieuwen.

Dit is voor de uitvoering van de HCA des te meer belangrijk, omdat de ondernemer een grote impact heeft op het eigen bedrijf en de medewerkers die daarin werkzaam zijn. Wanneer ondernemers aan hun eigen vitaliteit werken heeft dit ook invloed op hun bedrijf. Een ontwikkelingsgerichte cultuur binnen bedrijven draagt namelijk bij aan productiviteit, innovatie en werkplezier. Ook praktijkverhalen, workshops en netwerken zijn cruciaal om ondernemers te ondersteunen. En daarmee ook bij te dragen aan een leer- en ontwikkelcultuur binnen bedrijven.

 

 

Paneldiscussie: Josette Dijkhuizen, Peter Nagelkerke, Suzanne van Soest, Rogier Krabbendam

Samen met Josette Dijkhuizen gingen de panelleden in gesprek over de bevindingen en aanbevelingen in het rapport van Josette.  De werkgeversvertegenwoordigers gaven aan de uitkomsten van het onderzoek te herkennen en die verder te willen brengen in de activiteiten van de werkgeversverenigingen voor het komende jaar.  Zij vertegenwoordigen opgeteld veel ondernemers in Zuid-Holland en richten zich onder andere op inspireren, activeren en ondersteunen van hun achterbannen: de ondernemers. Weinig ondernemers hebben echt tijd om zorgvuldig stil te staan bij hun eigen duurzame inzetbaarheid. Ondernemers willen wel, maar hebben een breed takenpakket. Daarom was er een duidelijke tip: help ondernemers met praktische informatie, organiseer kleine clubjes waarin kennis wordt gedeeld en zorg voor follow-ups. Door praktische kennis kunnen ondernemers en daarmee ook hun medewerkers zich op een laagdrempelige manier blijven ontwikkelen.

 

 

Thaïza Kwas (Team Human Capital EBZ/PZH) & Harry de Boer (TNO)

Thaïza en Harry benadrukten de kracht van het collectief. Er zijn al 165+ partners bij de Human Capital Agenda aangesloten, maar er is nog volop ruimte voor uitbreiding en verdieping van de samenwerking in Zuid-Holland. Ondernemers, kennisinstellingen en overheid kunnen elkaars kracht en kennis beter benutten en samen zorgen voor het verder versterken van het tijdens het evaluatieonderzoek vastgestelde multipliereffect. Door samen te werken in Zuid-Holland kunnen we de arbeidsmarkt structureel anders laten werken en zo de beoogde systeemdoorbraak realiseren.

De Economic Board Zuid-Holland en de Provincie Zuid-Holland verkennen in samenwerking met TNO hoe er een brede Lerende en Toepassende Kennisomgeving kan worden opgezet. Dit betekent dat de bestaande Human Capital Learning Community wordt opgeschaald naar het brede netwerk van bedrijven, kennisinstellingen en overheden in Zuid-Holland. Vraaggericht, met eigenaarschap van en op basis van de behoefte van bedrijven, samen werken aan de economische en maatschappelijke agenda die de partners op zich hebben genomen. De lerende en vooral ook toepassende (DOEN!) kennisomgeving moet bestaande netwerken verbinden, zodat inzichtelijk wordt op welke onderwerpen partners kunnen samenwerken, elkaar kunnen ondersteunen of kennis praktisch toepasbaar moet maken. TNO heeft een schat aan kennis, ervaring en tools, die daarbij actief wordt ingezet en zal daarbij ook de zorgen voor kennistransfer van andere regio’s naar Zuid-Holland en omgekeerd.

 

 

Adnan Tekin (voorzitter MBO Raad)

Adnan sloot af met het belang van samenwerking tussen scholen, bedrijven en overheid. Hij deelde een krachtige boodschap: het mbo is hofleverancier van de economie en is #onmisbaar voor de arbeidsmarktvraagstukken in de regio. Door het aanbod te bundelen en praktijkroutes te creëren, wordt het onderwijs beter afgestemd op de arbeidsmarkt. Investeren in talent en vakmanschap draagt daarmee bij aan een sterke arbeidsmarkt en samenleving. Ook nam Adnan het moment om partners in de zaal bewust te maken van de verandering die zij kunnen maken voor mbo-studenten, zoals goede stagevergoedingen, inclusief werkgeverschap en voldoende doorgroeimogelijkheden. Naar het nieuwe kabinet toe deed Adnan de oproep om te investeren in het mbo, met alle uitdagingen waar het mbo voor staat en met de bijdrage die het mbo heeft en kan bieden aan de economische en maatschappelijke agenda van Nederland, inclusief Zuid-Holland.

 

 

Oproep tot actie

Het Human Capital Event 2025 is een uitnodiging aan alle bedrijven en inwoners in Zuid-Holland om mee te doen aan en gebruik te maken van de gezamenlijke aanpak in de komende jaren. Voor een toekomstbestendige arbeidsmarkt, belangrijker dan ooit met de snel veranderende economie en de uitdagingen die de maatschappelijke transities met zich mee brengen. De komende jaren bouwen we in Zuid-Holland aan een lerende en toepassende kennisomgeving, waarin werkgevers, onderwijs en overheid samenwerken aan concrete oplossingen. Niet door méér te praten en harder te werken, maar door te Doen Wat Werkt en slimmer werken. Voor een toekomstbestendig Zuid-Holland.

Benieuwd naar het event? Bekijk hier de foto’s: https://flic.kr/s/aHBqjCz4hT

Samen doen wat werkt – voor een toekomstbestendige innovatieve arbeidsmarkt in Zuid-Holland.

 

Zuid-Holland staat voor grote economische en maatschappelijke opgaven. Die uitdagingen kunnen we alleen samen aanpakken. Dagelijks zetten mensen zich (vaak achter de schermen) in om onze regio sterker, innovatiever en duurzamer te maken. Daarom starten we een nieuwe rubriek: ‘De 5 vragen aan…’. In de nieuwe rubriek laten we de mensen die betrokken zijn bij de uitvoering van de Human Capital Agenda Zuid-Holland aan het woord. We gaan in gesprek met ondernemers, projectleiders, kwartiermakers, onderzoekers, beleidsmakers en andere partners die werken aan het menselijk kapitaal van Zuid-Holland. Wat motiveert hen? Welke kansen zien zij in de regio? En wat is er volgens hen nodig om blijvende impact te maken?

We starten vandaag met Lisa Weggemans, projectleider van Young Professionals Chapters. Lees het artikel hieronder!


5 vragen aan… Lisa Weggemans (Young Professional Chapters)

 

Om jong talent aan te trekken en te binden voor de regio Drechtsteden startten Fokker, Damen, Boskalis en Heerema in 2017, samen met de Economic Development Board Drechtsteden, het Young Professionals programma. Jong talent (25 – 35 jaar) werkt hierin aan uitdagende projecten met impact op het innovatieve ecosysteem in de regio, ontmoet elkaar tijdens events en zet zich actief in als ambassadeur. Via deze werkwijze, ‘challenge based learning’, worden niet alleen talenten behouden, maar ook nieuwe verbindingen gelegd tussen bedrijven, onderwijs en overheid. Inmiddels zijn er tientallen challenges en bijeenkomsten georganiseerd, waaraan honderden young professionals hebben deelgenomen. Op basis van de lessons learned via het aanvankelijk in Drechtsteden geconcentreerde deelakkoord, wordt dit succesvolle concept nu ook in andere regio’s in Zuid-Holland uitgevoerd.

Bedrijven staan aan de basis van de initiatieven van de HCA, maar er is altijd organiserend vermogen nodig om een aanpak van de grond te tillen en uit te voeren: een kwartiermaker of een projectleider, die via de HCA wordt ingezet. Aan het roer van het Young Professional Chapters programma staat Lisa Weggemans, woonachtig in Dordrecht en werkzaam als zelfstandig ondernemer met een focus op de samenwerking tussen onderwijs en bedrijfsleven. Als projectleider zet zij zich in om de verschillende Young Professional Chapters in Zuid-Holland verder op te bouwen en te laten groeien.

Vraag 1
Vernieuwing vraagt om lef en samenwerking. Welke concrete doelen streef je na om de Zuid-Hollandse arbeidsmarkt te vernieuwen?

Wat mij vooral drijft bij de bijdrage die ik lever aan de uitvoering van de HCA Zuid-Holland, is dat het gaat om dingen die ertoe doen. Zoals:

  • Jong talent aantrekken, behouden en ontwikkelen in Zuid-Holland.
  • Innovatie en sectoroverstijgende samenwerking stimuleren.
  • Leven lang leren bevorderen.
  • Het Young Professionals-programma uitbreiden met meer bedrijven, challenges, events en ambassadeurs.
  • Triple helix-samenwerking versterken, ondersteund door regionale beleidsorganisaties.
  • Het programma doorontwikkelen met duidelijke governance en meer invloed voor young professionals.

We zien dat met de challenges innovatie wordt gestimuleerd. Young professionals werken in multidisciplinaire teams aan een uitdaging van een bedrijf in de regio. Juist doordat iedereen een andere achtergrond en ervaring heeft, ontstaan vaak creatieve oplossingen waar bedrijven zelf niet op zijn gekomen.

Daarnaast merken we dat young professionals in het regionale bedrijfsleven elkaar makkelijker weten te vinden, waardoor nieuwe samenwerkingen in de regio ontstaan.

 

Vraag 2

Kracht zit in samenwerking. Met welke partijen werk jij samen voor een sterke Zuid-Hollandse arbeidsmarkt?

De uitvoering van het deelakkoord is in handen van de projectorganisatie van Deal Drechtsteden, dat daarmee een provinciebrede coördinerende rol vervult. We doen dat ter uitvoering van de HCA en dus zijn ook de Provincie Zuid-Holland en de Economic Board Zuid-Holland nauw betrokken.

We zoeken vooral de samenwerking met bestaande netwerken, zodat we elkaar niet in de weg staan maar juist versterken. Zo werken we samen met onder andere de Wereldhavendagen, de Jonghavenvereniging, Young Hi Delta en Young SpaceNed.

Young Professional Chapters

Vraag 3

Geen ambitie zonder obstakels. Waar zit volgens jou het spanningsveld dat we samen moeten oplossen?

Het samenwerken met bestaande netwerken verloopt goed. We zien dat de young professionals die deelnemen aan de challenges geïnspireerd raken en veel leren.

Wel merken we dat het opzetten van samenwerkingen in de vorm van challenges tijd kost. Omdat er meerdere partijen betrokken zijn, is het belangrijk om van tevoren alles goed af te stemmen en iedereen op één lijn te krijgen. Dat vraagt soms tijd en geduld. Er bestaat er geen one size fits all-aanpak. Binnen elke regio en elk netwerk in Zuid-Holland verlopen samenwerkingen weer anders.

Wat gaat goed:

Er gaat gelukkig veel goed. Ik denk aan:

  • Aansluiten bij bestaande netwerken: de samenwerking met regionale en (boven)lokale netwerken verloopt goed. Door hierop aan te haken, maken we gebruik van bestaande relaties, kennis en structuren. Dit versterkt de slagkracht van het deelakkoord en voorkomt dubbel werk.
  • Betrokkenheid en inspiratie bij young professionals: de challenges zijn een effectieve manier om jonge professionals te betrekken. Zij geven aan dat ze worden geïnspireerd, nieuwe inzichten opdoen en vaardigheden ontwikkelen die ze meenemen in hun werk.
  • Lerend netwerk: de ervaringen uit de challenges zorgen ervoor dat kennis en goede voorbeelden sneller worden gedeeld, wat bijdraagt aan een bredere leer- en ontwikkelcultuur.

Wat vraagt aandacht:

Het gaat allemaal niet vanzelf, natuurlijk. En we hebben onderweg, tijdens de uitvoering van het oorspronkelijke deelakkoord, zeker ook de nodige lessen geleerd, die we nu toepassen. Onder andere:

  • Tijdsinvestering en procesafstemming: het opzetten van een challenge is tijdsintensief. Omdat meerdere partijen betrokken zijn, is het noodzakelijk om vooraf duidelijke afspraken te maken over rollen, verantwoordelijkheden en verwachtingen. Dit vraagt om zorgvuldige procesbegeleiding en geduld.
  • Geen standaardaanpak mogelijk: samenwerkingen verschillen sterk per regio en per netwerk. Waar de ene regio snel tot concrete acties komt, kost het in een andere regio meer tijd om partijen op één lijn te krijgen. Dit vraagt om flexibiliteit en maatwerk, in plaats van een uniforme werkwijze.
  • Menskracht en tijd vrijmaken: binnen elk bedrijf is het druk, en in de praktijk blijkt het soms lastig om werknemers naast hun reguliere werk ook tijd te laten vrijmaken voor deelname aan een challenge.

Vraag 4

Impact maken doen we stap voor stap. Kun je lessen of tips delen aan partners die met vergelijkbare uitdagingen aan de slag gaan?

Eerder noemde ik al een aantal lessons learned of tips, maar als ik er nog een paar mag noemen: begin met een kleinschalige samenwerking of challenge, zodat er ruimte is om te experimenteren en te leren. Op die manier kunnen partijen gezamenlijk ontdekken wat werkt. Daarna is het zinvol om op te schalen naar grotere samenwerkingen.

Het is daarnaast belangrijk om goed te kijken naar de regio en de vraagstukken die daar spelen. Kijk wat er al bestaat en bouw daarop voort, in plaats van naast bestaande netwerken iets nieuws op te zetten, waardoor het veld verder zou versplinteren.

 

Deal Drechtsteden/ Young Professionals

Vraag 5

Vooruitkijken om vooruit te komen. Welke blijvende verandering hoop jij dat we over vijf jaar in de regio zien dankzij deze samenwerking?

Over vijf jaar hoop ik dat dit deelakkoord ervoor zorgt dat young professionals zichtbaar een rol spelen als aanjagers van innovatie en sectoroverstijgende samenwerking. Ook hoop ik dat bedrijven en gemeenten via challenges en events actief van én met elkaar leren.

Daarnaast zie ik voor me dat het Young Professionals-programma bedrijven helpt om een cultuur van leven lang ontwikkelen te creëren. En natuurlijk dat het programma verder is uitgegroeid tot een breed en inspirerend netwerk van bedrijven, events en ambassadeurs.

 

Met deze rubriek willen we niet alleen de impact van onze samenwerkingen delen, maar ook laten zien wie de mensen achter de resultaten zijn. En ook willen we inspireren: de ‘zwaan kleef aan’ aanpak van de HCA. Zo maken we kennis, ervaring en inspiratie breed toepasbaar in Zuid-Holland en daarbuiten.

Simone Fredriksz human capital

Als voorzitter van het College van Bestuur van roc Albeda ziet Simone Fredriksz dagelijks de maatschappelijke betekenis van het mbo. “Met bijna 50.000 mbo-studenten in de regio Rijnmond en ruim 120 opleidingen is het mbo niet alleen van groot belang voor de arbeidsmarkt, maar ook voor kansengelijkheid en sociale vooruitgang. Het mbo is niet alleen de hofleverancier van de economie, maar ook een emancipatiemotor. Hier bereiden we jongeren en volwassenen voor op een snel veranderende samenleving.” 

 

Van bedrijfsleven naar het onderwijs

Fredriksz begon haar carrière in het bedrijfsleven, onder meer bij KPN en een internet-startup en maakte daarna de overstap naar het onderwijs. Bij De Haagse Hogeschool werkte ze zeventien jaar in diverse functies, waaronder directeur van de faculteit Business, Finance & Marketing. Vijf jaar geleden koos ze bewust voor het mbo. “Het mbo heeft een enorme maatschappelijke impact. Onze klassen zijn mini-samenlevingen: superdivers, met studenten uit alle hoeken en lagen van de maatschappij. Hier leren jongeren niet alleen een vak, maar ook hoe je samenleeft en samenwerkt. Dat maakt het mbo uniek.” Wat haar kenmerkt, zegt Fredriksz, is het vermogen om werelden bij elkaar te brengen. “Ik hou van verbinden en belangen afwegen, maar ook van in actie komen. Voor jongeren, voor werkzoekenden met afstand tot de arbeidsmarkt en zeker ook voor werkenden die wendbaar moeten zijn in een snel veranderende economie.”

 

Onderwijs als veilige haven

De turbulente tijdgeest benadrukt die rol van onderwijs, vindt Fredriksz. “We leven in een snel veranderende economie, met digitalisering, de energietransitie en de circulaire economie. Tegelijkertijd zien we polarisatie en spanningen in de samenleving. Onderwijs moet daarin een veilige haven zijn. Hier leren jongeren vakmanschap, maar ook burgerschap. Je bent eerst mens, dan werknemer. Onderwijs draagt bij aan sociale samenhang en weerbaarheid in een samenleving die steeds meer onder druk staat. Het onderzoek van Stichting Beroepsonderwijs Bedrijfsleven (SBB) van afgelopen juni bevestigde de belangrijke bijdrage die we als mbo leveren aan de samenleving en de economie, namelijk met als uitkomst dat werkgevers zeer tevreden zijn over recent afgestudeerde mbo-studenten, inclusief hun sociale vaardigheden en motivatie.”

 

Albeda in cijfers en impact

’Verantwoordelijk met partners voor 30.000 studenten in regio Rijnmond en een breed aanbod van opleidingen in zorg, techniek, business, hospitality, kunst en sport is Albeda één van de grootste mbo-instellingen van Nederland. De instelling ontving meerdere landelijke erkenningen en won diverse prijzen, waaronder voor het innovatieve introductieprogramma met maatschappelijke impactweken en – samen met partners – voor de Talenthub op Zuid, waar jongeren die dreigen uit te vallen een nieuwe kans wordt geboden. Daarnaast is Albeda al twee jaar achtereen verkozen tot meest duurzame mbo-instelling van Nederland. Fredriksz: “Deze prijzen bevestigen dat we niet alleen opleiden, maar ook vernieuwen en bijdragen aan de samenleving. Niet alleen voor studenten in het vervolgonderwijs, maar ook werkenden en werkzoekenden die we bij- en omscholen voor de arbeidsmarkt. Daarmee leveren we ook een directe bijdrage aan de doelstellingen van de Human Capital Agenda Zuid-Holland, waar we als Albeda partner bij zijn”

 

Samenwerking Albeda en EUR – Maatschappelijke verdediging van dr. Kayla Green – Practor Gelijke Kansen bij Albeda. v.l.n.r. : Rateb Abawi, Eveline Crone, Simone Fredriksz, Kayla Green, Jantine Schuit, Ron Kooren en Gyzlene Zeroual – Kramer  

 

Innovatie bij Albeda

Fredriksz noemt met trots nog een aantal innovaties van Albeda. Zo is er, met steun van onder andere de gemeente Rotterdam en het ministerie van OCW, Albeda @night. Daarbij houdt Albeda de school ook ’s avonds open voor activiteiten & cursussen, advies & begeleiding, ontspanning & eten en als veilige plek voor studenten, hun familie en mensen uit de wijk. Of de eerdergenoemde Talenthub op Zuid en de manier waarop nieuwe studenten worden ontvangen in hun introductieweek. Duizenden nieuwe studenten beginnen hun eerste honderd dagen met een gezamenlijke beleving en maatschappelijke impactweken, waardoor ze zich welkom voelen, een netwerk ontwikkelen en op weg worden geholpen. “We willen jongeren niet alleen welkom heten, maar ze ook meteen met de maatschappelijke impactweken laten ervaren hoe je iets goeds kunt doen in de samenleving. Dat is onderwijs in actie.”

Albeda @Night

 

Samenwerking in Zuid-Holland

Albeda werkt intensief samen met partners in de regio. Ook met andere onderwijsinstellingen. Naast de samenwerking met andere mbo-instellingen, zoals met Zadkine o.a. via onze samenwerkingsschool Techniek College Rotterdam en met STC, HMC en het Grafisch Lyceum Rotterdam, zijn ook Hogeschool Rotterdam, InHolland en de Erasmus Universiteit Rotterdam vaste partners. Een bijzondere samenwerking is die met de Erasmus Universiteit Rotterdam, waar hoogleraar Eveline Crone als eerste hoogleraar verbonden is aan een mbo-instelling. Samen met practor Kayla Green wordt onderzoek gedaan naar kansengelijkheid en jongerenwelzijn, thema’s waar Fredriksz zich met haar hart voor inzet “We brengen wetenschap en praktijk bij elkaar. Dat versterkt de kwaliteit van ons onderwijs en vergroot de maatschappelijke impact.”

Daarnaast participeert Fredriksz in het Bestuurlijk Overleg Onderwijs van de Human Capital Agenda Zuid-Holland en maakt Albeda deel uit van Via Delta, waarmee de roc’s in Zuid-Holland hun opleidingsaanbod voor volwassenen hebben gebundeld. Via Delta, mede mogelijk gemaakt dankzij de Human Capital Agenda Zuid-Holland, zal een belangrijke bijdrage gaan leveren aan ‘Zuid-Holland Koploper Leven Lang Ontwikkelen’. Inclusief een op maat scholingsaanbod voor werkenden en werkzoekenden. Fredriksz: “Via Delta maakt het voor bedrijven en inwoners makkelijker om scholing te vinden en benutten. De arbeidstekorten in Zuid-Holland lossen we niet op met alleen het reguliere onderwijs. We hebben álle beschikbare talenten nodig, ook de mensen die nu nog langs de kant staan. Daarnaast moeten we de huidige beroepsbevolking beter toerusten. Met Via Delta versterken we samen de arbeidsproductiviteit en geven we concreet invulling aan de Human Capital Agenda Zuid-Holland. ”

 

Lid van de EBZ-taskforce Human Capital

De keuze om toe te treden tot de Taskforce Human Capital van Economic Board Zuid-Holland was voor Fredriksz vanzelfsprekend. “De Human Capital Agenda gaat precies over wat ik dagelijks zie: de noodzaak om onderwijs, werkgevers en overheid te verbinden. Alleen als we krachten bundelen, kunnen we inspelen op de snelle veranderingen in de economie en de samenleving. Onderwijs is daarbij het fundament.”

Ze verwijst naar de gezamenlijke doelstellingen van de agenda: “Met elkaar willen we onder andere tenminste 55.000 werknemers ontwikkelperspectief bieden, 10.000 transities van werk naar werk realiseren en 1.000 internationale kenniswerkers aantrekken. En ook werken we via de Human Capital Agenda toe naar een structureel beter werkende arbeidsmarkt, inclusief een goede aansluiting van het beroepsonderwijs op de vraag van bedrijven. Dat vraagt om samenwerking op alle niveaus en daar draag ik namens Albeda en de mbo-partners in de regio graag aan bij.”

 

Voorbereiden op de toekomst

Hoe bereid je studenten voor op een toekomst die niemand kan voorspellen? “De kern is wendbaarheid en weerbaarheid,” stelt Fredriksz. “Dat betekent investeren in digitale vaardigheden, kritisch denken en sociale vaardigheden. Maar ook de basis moet op orde zijn: taal en rekenen. Zonder die basis ontneem je jongeren kansen op duurzame deelname aan de arbeidsmarkt en de samenleving.”

Ze besluit: “We weten niet hoe de toekomst eruitziet, maar we weten wél dat het onderwijs steeds moet vernieuwen en dat onderwijs de plek is waar we jongeren en volwassenen de competenties meegeven die hen in staat stellen richting te geven aan die toekomst. Daar ligt onze verantwoordelijkheid. En dat is ook waar de Human Capital Agenda op inzet: het benutten van het talent van onze studenten en alle Zuid-Hollanders. Daar ga ik me dus volop, samen met alle andere partners, voor inzetten.”

Simone Fredriksz is voorzitter van het College van Bestuur van Albeda en lid van de (Taskforce Human Capital van) Economic Board Zuid-Holland.

De Grond-, Weg- en Waterbouwsector (GWW) heeft de afgelopen jaren een indrukwekkende digitale impuls gekregen. Dankzij het deelakkoord ‘DigiCampus GWW’ – onderdeel van het Human Capital Akkoord Zuid-Holland – is een sector die van oudsher traditioneel opereerde, in beweging gekomen richting een toekomstbestendige, digitaal vaardige werkomgeving. Dit project ging niet alleen over technologie, maar juist over samenwerking. “Door publieke en private partijen in een deelakkoord samen te brengen, ontstond meer begrip voor elkaars werkwijze en ruimte om samen te bouwen aan innovatie”, aldus Jaap Kolk, Programmamanager DigiCampus.

 

Doelen behaald, impact gemaakt

Het project heeft zijn belangrijkste doelen ruim overtroffen:

  • Meer dan 500 professionals hebben zich ontwikkeld op het gebied van digitalisering;
  • 42 organisaties – zowel publieke als private – zijn intensief betrokken geweest bij trainingen, scans, kennissessies en casusgroepen;
  • 30 werkgevers zijn ondersteund in het verhogen van hun digitale volwassenheid en het beter benutten van arbeidscapaciteit.

Van casusgroepen tot opleidingen: leren in de praktijk

Centraal in de aanpak stonden casusgroepen waarin markt, overheid en onderwijs samenwerkten aan actuele digitaliseringsvraagstukken zoals de digitalisering van kabels en leidingen en de standaardisatie van weekstaten. Deze vorm van co-creatie zorgde voor direct toepasbare oplossingen en voor betere samenwerking en kennisuitwisseling binnen de keten.

Ook op het gebied van opleidingen zijn grote stappen gezet. Zo zijn er drie nieuwe trainingen ontwikkeld die inmiddels breed worden ingezet:

  • Basistraining Data-gedreven werken
  • Digitaal samenwerken
  • Gestructureerd werken met Systems Engineering

Deze programma’s sluiten direct aan op de praktijk en op de leerbehoeften die via DigiChecks bij de bedrijven zijn opgehaald.


Brede opbrengsten voor Human Capital

Naast digitalisering heeft het project op meerdere vlakken bijgedragen aan versterking van het human capital in de regio. Zo is er sprake van:

  • Verbeterde samenwerking: publieke en private partijen hebben elkaar gevonden in een gedeelde taal en aanpak voor digitalisering;
  • Meer werkplezier en motivatie: deelnemers gaven aan dat de casusgroepen niet alleen leerzaam, maar ook inspirerend waren. Het bracht hen in contact met gelijkgestemden en gaf energie om met vernieuwing aan de slag te gaan;
  • Versterking van het onderwijs: kennisinstellingen zijn nauwer betrokken geraakt bij de sector en kunnen actuele kennis beter integreren in hun curricula;
  • Professionalisering van de sector: door scans en gesprekken is beter zicht gekomen op ontwikkelvraagstukken binnen organisaties en projecten;
  • Een verhoging van de arbeidsproductiviteit. Zeker voor een sector die moeite heeft voldoende personeel te vinden een zeer welkome opbrengst.

Blijvende beweging

Een belangrijke uitkomst is dat alle betrokken partijen de samenwerking willen voortzetten. De ambitie reikt verder dan de projectperiode: er wordt gewerkt aan de oprichting van een stichting die DigiCampus GWW een structurele plek geeft. Daarmee blijft de opgebouwde energie behouden en kunnen nieuwe digitaliseringsoplossingen gezamenlijk worden ontwikkeld. Het consortium wil bovendien een duidelijke beweging in de sector stimuleren: niet langer uitsluitend aanbesteden op prijs, maar nadrukkelijk ook op digitale vaardigheden en innovatieve oplossingen die het werk slimmer, efficiënter en aantrekkelijker maken.

Samen digitaal sterker

Dankzij DigiCampus GWW heeft de sector een krachtige stap gezet richting digitalisering, samenwerking en innovatie. De inzet van zoveel partners – van gemeenten en aannemers tot onderwijsinstellingen – laat zien wat er mogelijk is als we slim, samen en digitaal werken aan de toekomst van onze leefomgeving.

Wil je op de hoogte blijven van alle ontwikkelingen? Kijk dan op: https://www.digicampusgww.nl/

Binnen het zogenaamde Bouwen-spoor van de Zuid-Hollandse Human Capital Agenda werken we aan structurele oplossingen voor een beter werkende arbeidsmarkt. Dat gebeurt via bundeling van zowel vraag, aanbod als via bundeling van initiatieven. Met ondersteuning vanuit de Human Capital Agenda Zuid-Holland is een verkenning gestart naar opschaling van het Campus Gouda-initiatief Transport en Logistiek. Doel: verduurzaming, slimme technologie en een sterkere arbeidsmarkt langs de N11/A12-corridor.

Bijeenkomst Gemeenten werkgebied mbo Rijnland

Tijdens de jaarlijkse bijeenkomst van wethouders uit het werkgebied van het mbo Rijnland is het nieuwe HCA-initiatief van de Campus Gouda rond Transport en Logistiek gepresenteerd. Veel van de aldaar aangepakte vraagstukken zoals verduurzaming bedrijventerreinen, zero-emissie zones, productiviteitsverhoging middels de inzet van slimme technologie en de LLO-aspecten daaromheen, lenen zich volgens de deelnemers aan de bijeenkomst mogelijk voor opschaling naar andere gemeenten/ regio’s.

Opschaling

Reden voor mbo Rijnland om te willen inventariseren of het lopende initiatief van Campus Gouda opgeschaald zou kunnen worden. Aangezien daarmee vergelijkbare initiatieven gebundeld worden, was dat voor de Human Capital Agenda aanleiding om een verkenning te financieren.

Verkenning

Kim van Eijck voert die verkenning uit en verwacht de uitkomsten daarvan in oktober te kunnen presenteren.

De Greenports Boskoop en Duin- en Bollenstreek hebben samen met ondernemers, onderwijsinstellingen en overheden een Human Capital-deelakkoord ondertekend. Met dit akkoord zetten de partners een belangrijke stap om de arbeidsmarkt in de sierteeltsector toekomstbestendig te maken.

De sierteeltregio staat voor grote uitdagingen: een groeiend tekort aan vakmensen, afhankelijkheid van internationale arbeidskrachten, snelle technologische ontwikkelingen en strengere duurzaamheidseisen. Zonder gezamenlijke aanpak dreigt dit de innovatiekracht, concurrentiepositie en zelfs de continuïteit van de sector negatief te beïnvloeden.

Oplossingen in drie routes

Het deelakkoord richt zich op drie hoofdroutes:

  • Leven Lang Ontwikkelen binnen bedrijven – structurele programma’s en een Greenport Academy moeten een lerende cultuur in de sector verankeren.
  • Samenwerking tussen bedrijven en sectoren – via een regionaal Human Capital-platform, gezamenlijke flexpools en een Green Flower Campus wordt kennis gedeeld en arbeid flexibeler georganiseerd;
  • Activeren van onbenut potentieel – deeltijdkrachten en verborgen talenten krijgen ontwikkelkansen, onder meer via loopbaanbegeleiding, erkenning van verworven competenties en flexibele werkmodellen.

Breed draagvlak

Het deelakkoord wordt gedragen door 38 bedrijven en brancheorganisaties, waaronder KAVB en Royal Anthos. Zij investeren samen met de provincie Zuid-Holland, gemeenten en onderwijsinstellingen in een meerjarig programma (2025–2027). De Greenport Duin- en Bollenstreek treedt op als penvoerder.

Link met Regio Deal

De aanpak sluit nauw aan bij de toegekende Regio Deal Sierteeltregio 2024. Het kan gezien worden als concretisering van een van de daarin opgenomen programmalijnen, te weten Programmalijn 2: duurzame en veerkrachtige regionale arbeidsmarkt. Met name de ontwikkeling van de Green Flower Campus versterkt de ambities uit het deelakkoord en maakt samenwerking tussen bedrijven, onderwijs en overheid concreet.

Beoogde resultaten

Met een totaal budget van een kleine 3 miljoen euro en een subsidiebedrag van ruim 7 ton wordt aangesloten bij de doelstellingen van de Zuid-Hollandse HCA:

  • 640 werknemers in staat stellen om zich te ontwikkelen
  • 191 werkgevers helpen arbeid beter te gebruiken
  • 90 flexwerkers ontwikkelperspectief bieden
  • 240 transities over sector- en/of regiogrenzen
  • 320 onderbenutte deeltijdwerkers meer aan het werk
  • 1.060 internationale medewerkers behouden of aantrekken

De Nederlandse economie staat voor een fundamentele uitdaging: de groei van de arbeidsproductiviteit blijft al decennia achter bij die van vergelijkbare landen. Waar andere economieën erin slagen per gewerkt uur meer waarde toe te voegen, is Nederland de afgelopen jaren vooral ‘arbeidsintensief’ gegroeid. Dat leverde welvaartsgroei op, maar niet de noodzakelijke productiviteitssprong die essentieel is voor ons toekomstig verdienvermogen.

Brede welvaart onder druk

De druk op de arbeidsmarkt neemt verder toe door vergrijzing en afname van het aantal jonge instromers op de arbeidsmarkt. Extra arbeidsinzet is nauwelijks meer mogelijk. Tegelijkertijd vragen grote maatschappelijke transities, zoals de energietransitie, digitalisering en verduurzaming van de zorg, juist om een forse productiviteitsstijging. Zonder deze sprong dreigt ons verdienvermogen en de brede welvaart onder druk te komen.

Oorzaken van achterblijvende productiviteitsgroei

Uit onderzoek van TNO blijkt dat een combinatie van factoren de productiviteitsgroei afremt. Zo groeide de Nederlandse economie vooral door meer werkuren in plaats van productiviteitsstijging. Ook de sterke afhankelijkheid van laagproductieve sectoren, lage private investeringen in R&D en innovatie, en de beperkte verspreiding van innovaties naar het mkb spelen een rol. Daarbij zorgen flexibilisering en loonmatiging voor minder prikkels om in menselijk kapitaal en arbeidsbesparende technologie te investeren.

Internationale vergelijking

Hoewel Nederland behoort tot de landen met een hoog productiviteitsniveau (88 dollar per gewerkt uur, boven het OESO-gemiddelde), is het groeitempo fors lager dan in buurlanden. Met name na de Grote Recessie bleef herstel van productiviteitsgroei achter, waar België en Duitsland wel een inhaalslag maakten.

Vier oplossingen voor een productief groeipad

TNO schetst vier oplossingsrichtingen om Nederland op een toekomstbestendig groeipad te zetten:

  1. Structuurverandering – Vergroten van het aandeel hoogproductieve en R&D-intensieve activiteiten, verminderen van de afhankelijkheid van laagproductieve sectoren en goedkope arbeid.
  2. Human centred technologie – Investeren in arbeidsbesparende en arbeidsondersteunende technologie die productiviteit verhogen en de kwaliteit van werk verbetert.
  3. Versnellen van innovatie en kennisspillovers – Het mkb ondersteunen bij toepassing van technologische en sociale innovaties en kennis beter laten stromen van koplopers naar het brede bedrijfsleven.
  4. Continu leren en ontwikkelen – Sterke inzet op leven lang ontwikkelen, upskilling en reskilling, en een arbeidsmarkt die meer gebaseerd is op skills in plaats van diploma’s.

Samen aan zet

De opgave is helder: Nederland moet van een arbeidsintensief naar een productief groeimodel. Dit vraagt om gezamenlijke inzet van overheid, bedrijfsleven en kennisinstellingen. Door structureel te investeren in R&D, innovatie en menselijk kapitaal kan Nederland weer aansluiten bij de internationale kopgroep en bouwen aan een concurrerende, toekomstbestendige economie.

>>Meer lezen? Download hier de whitepaper: https://www.tno.nl/nl/newsroom/insights/2025/01/arbeidsproductiviteit-moet-omhoog/

Een uitgave van TNO, geschreven door Thijmen van Bree, Joris Vierhout en Goedele Geuskens, januari 2025.

De economische en maatschappelijke ontwikkeling van Zuid-Holland loopt gevaar door een dalende arbeidsproductiviteit. Tel daarbij op dat volgens ondernemers personeelstekorten nu al de belangrijkste belemmering zijn voor groei en ondernemen. Het is daarom noodzakelijk dat de arbeidsproductiviteit omhoog gaat. Dat kan door slimmer te werken. We moeten technologie gericht inzetten, met aandacht voor techniek én mens. Sociale innovatie is daarbij essentieel. De Human Capital Agenda Zuid-Holland 2025-2030 zet extra op in op deze thema’s, onder andere via de HCA Deelakkoorden.

De projectleiders en kwartiermakers rond de HCA-initiatieven, die tezamen de Learning Community Human Capital Zuid-Holland vormen, hebben zich op 18 maart daarover gebogen. Wat verstaan we onder sociale innovatie? Waar liggen kansen via de lopende Deelakkoorden? Renée Rotmans van het team Sociale Innovatie bij Havenbedrijf Rotterdam, gepromoveerd op dit onderwerp, nam als gast-expert de deelnemers mee in dit onderwerp en bracht inspiratie en concrete handvatten.

Renée vertelde over de hoge opbrengsten en vaak onderbenutte mogelijkheden van sociale innovatie. Die opbrengsten zijn drie maal zo hoog als die van technologische innovatie. En toch gaat het vaak alleen over technologie. Terwijl in de praktijk juist de wisselwerking tussen techniek en mensen belangrijk is. Hoe kan het talent van medewerkers beter worden benut?

Renee Rotmans: “Stel als ondernemer de vraag aan je medewerkers: wat heb jij echt nodig om de beste versie van jezelf te zijn?”

Renée vertelde aan de hand van concrete praktijkvoorbeelden waar kansen voor productiviteitsverhoging via sociale innovatie liggen. Opleiden, de hoofdpijler van de HCA, heeft in tweeërlei opzicht hoge relevantie voor innovatie: nieuwe skills en inzichten leiden tot innovaties en innovaties leiden tot een opleidingsvraag. Kijk naar deze cirkel als geheel.

Er liggen ook via de HCA Deelakkoorden veel kansen om bij te dragen aan innovatie. Inclusief sociale innovatie. Een deel ervan, zoals de Techniekcoalitie Zuid-Holland, Campus Gouda en het Energietransitiehuis in Alphen aan den Rijn, is er al expliciet op gericht. Hoe kan de potentie van alle Deelakkoorden als vliegwiel nog sterker worden benut voor arbeidsproductiviteitsverhoging, zoals via sociale innovatie?

 

Intervisie: wat zijn ervaringen en ideeën binnen de Learning Community?

Na de inspirerende inleiding van Renée Rotmans gingen de deelnemers in een aantal intervisiegroepen met elkaar in gesprek over die vraag. In de plenaire terugkoppeling ging het onder andere over de versterking van de betrokkenheid van (mkb) bedrijven bij Deelakkoorden. Ook werd gesproken over de vernieuwing van HRM en het beter benutten van talenten van medewerkers. Een ander onderwerp was de potentie van AI en hoe de fout kan worden vermeden dat het te eenzijdig alleen over technologie gaat. Ook: hoe kunnen de betrokkenheid en het eigenaarschap van medewerkers worden gestimuleerd bij het realiseren van slimmer werken?

HCA 2025-2030: nieuwe ronde, nieuwe kansen!

Tot slot stonden de deelnemers stil bij de inrichting van de brede Lerende Kennisomgeving, die de komende jaren rond de HCA wordt ingericht. Meer doen wat werkt. Met sterke verbindingen, in een werkende human capital ecosysteem. De komende jaren wordt daarom nog sterker ingezet op het ontwikkelen, delen en toepassen van kennis. Dit werd van harte onderschreven door de deelnemers aan de Learning Community. Benadrukt werd wel dat het aanvullend moet zijn op de huidige intervisieformule. Deze werkt heel goed en wordt gewaardeerd. Ga daarmee door, was het appel van de deelnemers aan het programmateam Human Capital.

De volgende Intervisiebijeenkomst vindt plaats in oktober.

Afgelopen vrijdag was Tweede Kamerlid voor de VVD Thierry Aartsen op bezoek bij ISISpace in Delft, op uitnodiging van de Economic Board Zuid-Holland. Hij sprak hier met Jeroen Rotteveel (ISISpace), Hans Hellendoorn (TU Delft) en Gerko Visée (Gemeente Den Haag) over het belang van kennismigratie en internationaal talent voor innovatie bedrijven.

Jeroen Rotteveel nam Aartsen mee in de continue strijd om goed personeel. Meer dan de helft van het personeelsbestand van ISISpace bestaat uit talent uit het buitenland. Daarnaast werd er een rondleiding gegeven door productielocatie waar de satellieten in elkaar werden gezet. De satellieten van ISISpace worden veelvoudig gebruikt binnen het defensiedomein en om klimaatverandering tegen te gaan.

Internationaal talent
Hans Hellendoorn gaf inzichten vanuit de TU Delft op het vraagstuk kennismigratie. De onderwijsinstelling doet enorme inspanningen technisch talent op te leiden, maar ziet ook dat al jaren dat de vraag het aanbod overstijgt. Daarnaast is de TU Delft ook een groot afnemer van internationaal talent om de beste docenten in huis te hebben voor de studenten.

Gerko Visée legde uit dat alles wat met innovatie maken heeft leunt op internationaal talent. Als sleuteltechnologieën het uitgangspunt zijn dan hebben we kennismigratie nodig. Kennismigratie moet los worden gezien van asiel- en arbeidsmigratie, neem het daarom niet mee in een migratiequotum was zijn boodschap.

Groot tekort
Met dit bezoek laten we op tastbare wijze zien dat er in Nederland én de provincie Zuid-Holland een groot tekort aan talent op MBO-, HBO- en WO-niveau is. De strijd om personeel is zo groot dat de onderwijsinstellingen op dit moment niet in de vraag vanuit het bedrijfsleven kunnen voorzien. Daarom roepen wij de Tweede Kamer op om scherpe keuzes te maken welk personeel wij uit het buitenland moeten halen. Kijk naar de bedrijvigheid die wij hier in de toekomst willen hebben en behouden. Zuid-Holland én Nederland kunnen niet zonder internationaal talent!