Als grootste opleidingsgroep voor werkenden ziet Salta Group als geen ander hoe snel de arbeidsmarkt verandert. Voor Hanno Winkelman, directielid bij Salta Group en bestuurslid van NRTO, de brancheorganisatie voor private opleiders, is dat geen abstract gegeven maar dagelijkse praktijk. “Als strategisch Learning & Development-partner voor bedrijven zien we vroeg waar tekorten ontstaan, welke nieuwe skills belangrijk worden en waar werkgevers écht naar zoeken. Die inzichten vertalen we naar leermethoden die bedrijven wendbaar en toekomstbestendig maken.”

Zijn toetreding tot de Taskforce Human Capital van de Economic Board Zuid-Holland sluit daar logisch op aan. “De regionale opgaven, van energietransitie en digitalisering tot AI, vragen vooral om mensen die hiermee om kunnen gaan. Dat begint bij de mogelijkheid om te blijven leren. Iedereen heeft talent, maar ieder individu leert anders. Met de juiste ondersteuning kan iedereen meedoen en een bijdrage leveren, bijvoorbeeld door leren op de werkvloer makkelijker te maken. Juist daarom is het toegankelijk maken van leren de grootste kans voor onze economie. En wanneer onderwijs en arbeidsmarkt dichter naar elkaar toe groeien, ontstaan nieuwe mogelijkheden voor een grotere groep mensen.”

Wie blijft leren, blijft kansen creëren

Het woord salta betekent in het Latijn ‘springen’ en ‘dansen’. Voor Winkelman is dat geen toevallige naam, maar een passend beeld voor hoe een loopbaan eruit mag zien: een voortdurende beweging. “Ontwikkeling verloopt nooit in een rechte lijn. Soms maak je grote sprongen, soms beweeg je mee met wat er om je heen verandert. Die dynamiek herken ik in mijn eigen carrière, maar ook in wat professionals vandaag nodig hebben om duurzaam inzetbaar te blijven.”

Winkelman werkt inmiddels ruim twintig jaar op het snijvlak van onderwijs en arbeidsmarkt. Wat hem drijft, is onverminderd hetzelfde: zien wat leren met mensen doet. “Ontwikkeling geeft mensen perspectief. En werkgevers bouwen tegelijk aan organisaties die kunnen meegroeien met verandering. Als we dat in de regio breed versterken, kunnen we iedere transitie aan.”

Inclusie en kansengelijkheid: talent zichtbaar en inzetbaar maken

De krapte op de arbeidsmarkt legt druk op onze economie. Juist daarom moeten we iedereen de kans geven om mee te doen. “Er zijn zoveel mensen die willen bijdragen, maar voor wie het systeem nog niet altijd ruimte biedt. Denk aan (niet-)werkenden zonder startkwalificatie of werkenden die naar een andere sector willen overstappen. Het begint ermee dat we als regio vaker kijken naar wat iemand wél kan.”

Om die kansen te vergroten ontwikkelt Salta Group steeds meer trajecten die drempels verlagen:

  • Extra begeleiding voor deelnemers zonder startkwalificatie
  • Praktijkleren in kleine, haalbare stappen
  • Modulaire opleidingen die aansluiten bij ieders tempo
  • Samenwerking met werkgevers die willen investeren in talent

“Waar ik echt trots op ben, is hoe ons nieuwe concept OphetWerk® wordt omarmd door studenten en werkgevers. Dit concept vervangt traditioneel onderwijs en biedt werkenden de mogelijkheid om hun mbo- of hbo-diploma te behalen op de werkplek. De opleiding is geïntegreerd in de dagelijkse werkzaamheden, onder begeleiding van ons als opleider en een begeleider vanuit het bedrijf waar zij werken. Hierdoor is de opleiding direct toepasbaar en levert het leren meteen waarde op voor medewerker en werkgever.”

Ook de beweging naar een skillsgerichte arbeidsmarkt vindt Winkelman essentieel. “Diploma’s blijven waardevol, maar ze vertellen niet het hele verhaal. Als we mobiliteit willen vergroten, moeten we bestaande competenties die iemand al heeft beter benutten. Mensen kunnen vaak meer dan zijzelf of werkgevers denken.”

Landelijk beleid: investeren in toegankelijk leren

Volgens Winkelman ligt er ook op landelijk niveau bij de overheid een duidelijke opdracht om leren voor iedereen mogelijk te maken. Dat vraagt om voorspelbaar en eenvoudig beleid. “We hebben gezien wat het STAP-budget teweegbracht. Zoveel mensen willen leren zodra de drempel lager wordt. Gezien de ambities van Nederland en de ingrijpende transities en uitdagingen op de arbeidsmarkt is dit relevanter dan ooit. Een duidelijk voorbeeld is de impact van AI. Functies verdwijnen of veranderen fundamenteel, waardoor bestaande kennis en vaardigheden niet langer voldoende zijn. Een nieuwe scholingsregeling vanuit de overheid, gericht op om- en bijscholing, is essentieel om een leven lang ontwikkelen te stimuleren. Juist voor mensen die nu moeilijk toegang vinden tot scholing.”

Publiek en privaat onderwijs: samen voor één doel

Een speerpunt van de Human Capital Agenda is samenwerking tussen publieke en private opleiders. Volgens Winkelman is die samenwerking essentieel om meer mensen te bereiken. “Als je niet naast elkaar werkt, maar met elkaar, wordt leren toegankelijker en relevanter voor een veel grotere groep mensen. Je kunt sneller schakelen, doelgerichter opleiden en beter aansluiten op wat de arbeidsmarkt vraagt.”

Via Delta is een samenwerking van ROC’s in Zuid-Holland die onderwijs, overheid en bedrijven samenbrengt. Ook over Via Delta is Winkelman positief: “De ROC’s in Zuid-Holland werken hier samen om volwassenen beter en gerichter op te leiden. Wij hebben dit als Salta Group altijd gesteund, omdat we sterk geloven in samenwerking tussen publieke en private opleiders. Via Delta werkt in de praktijk al samen met private opleiders. Dat is goed voor bedrijven en mensen.”

“Publieke instellingen hebben een enorme hoeveelheid kennis in huis. Salta Group voegt daar innovatiekracht en nabijheid tot de praktijk aan toe. Zo kunnen we samen een brug slaan tussen wat bedrijven vragen en wat het onderwijs kan bieden.”

Waarom de Taskforce Human Capital? “In Zuid-Holland versterken we elkaar”

“In Zuid-Holland komen grote economische domeinen samen: haven, industrie, techniek, zorg en onderwijs. Als we de arbeidsmarkt hier verbeteren, heeft dat direct effect op onze economie.” Wat hem in de Human Capital Agenda 2025–2030 aanspreekt, is de nadruk op samenwerking tussen alle partijen: ondernemers, onderwijs, overheid en maatschappelijke organisaties. “De uitdagingen waar we voor staan vragen om gezamenlijke antwoorden. Sectoren lopen in elkaar over en technologie ontwikkelt zich sneller dan opleidingen. Dit kun je niet alleen oplossen; je moet elkaar versterken.”

Voor Salta Group ziet hij drie belangrijke bijdragen:

  1. Leercultuur versterken, vooral in het mkb
    “Veel mkb’ers willen wel, maar weten niet waar te beginnen. Wij helpen hen om leren klein, concreet en haalbaar te maken.”
  2. Een wendbare arbeidsmarkt ondersteunen
    “Werkenden moeten makkelijker van rol of sector kunnen wisselen. Daar horen opleidingspaden bij die direct aansluiten op de werkpraktijk.”
  3. Onderwijsinnovatie versnellen
    “Digitale en modulaire leervormen maken het mogelijk om sneller in te spelen op actuele vaardigheidsvragen.”

De kracht van samenwerken

Voor Winkelman is zijn rol in de Taskforce Human Capital vooral praktisch: bijdragen aan oplossingen die werkelijk verschil maken. “Het gaat erom dat we een leven lang ontwikkelen niet alleen belangrijk vinden, maar het ook mogelijk maken. Dat we écht overstappen naar een arbeidsmarkt waarin skills centraal staan, zodat iedereen een kans krijgt. Ook mensen die minder goed leren in de schoolbanken. En dat we in Zuid-Holland laten zien dat samenwerken loont.”

Zijn motivatie blijft helder en positief:
“Als we de krachten bundelen, kunnen we de arbeidsmarkt van Zuid-Holland toekomstbestendig maken.”

Benieuwd naar Hanno Winkelman? Bekijk hier zijn LinkedIn 

Inmiddels is het stof weer enigszins neergedaald na de presentatie van het coalitieakkoord ‘Aan de slag’ door Rob Jetten (D66), Dilan Yesilgöz (VVD) en Henri Bontenbal (CDA). Na een lange periode van politieke onzekerheid merken wij in de regio hoezeer ondernemers, kennisinstellingen en overheden verlangen naar betrouwbaarheid en voorspelbaarheid. De recente bespreking van het verslag van informateur Rianne Letschert in de Tweede Kamer gaf een eerste voorproefje van hoe een minderheidskabinet zich de komende jaren zal moeten manoeuvreren tussen uiteenlopende belangen binnen de oppositie.

Als Economic Board Zuid-Holland stemt het coalitieakkoord ons positief. De beoogde minderheidscoalitie wil vol inzetten op defensie, het versterken van het investeringsklimaat en de verduurzaming van de industrie. Dat zijn precies de thema’s waar bedrijven en instellingen in onze provincie dagelijks mee te maken hebben. In onze gesprekken met ondernemers horen we keer op keer dezelfde boodschap: behoefte aan een stabiele koers, voorspelbaar beleid en randvoorwaarden die investeren weer mogelijk maken. Het is bemoedigend dat in het coalitieakkoord kennis en onderzoek nadrukkelijk worden genoemd. Dit is uiteindelijk de basis voor het verdienvermogen van de toekomst en voor het vermogen van Nederland om grote transities daadwerkelijk waar te maken.

Met sterke ecosystemen zoals de haven van Rotterdam, het Leiden Bio Science Park en het rijkste kennisecosysteem van Nederland staat Zuid-Holland klaar om een concrete bijdrage te leveren aan het Nederlandse verdienvermogen én aan onze strategische autonomie. Onze provincie is goed voor 22% van het nationale bbp en ongeveer 1,8 miljoen banen – ruim één op de zes banen in Nederland. In sectoren als haven en maritiem, life sciences & health, hightech, energie, ruimtevaart en digitalisering wordt hier dagelijks gewerkt aan innovaties die niet alleen regionaal, maar nationaal en Europees van strategisch belang zijn.

Tegelijkertijd realiseren wij ons dat dit coalitieakkoord het begin is van een intensief onderhandelingstraject met de rest van de Tweede Kamer. We begrijpen dat dit van de toekomstige ministerploeg veel vraagt: voortdurend in gesprek met Kamerleden, openstaan voor amendementen en compromissen, en steeds opnieuw meerderheden zoeken in zowel de Tweede als de Eerste Kamer. In zo’n dynamisch politiek landschap is het des te belangrijker dat maatschappelijke partners, zoals de economic boards, helpen om beleidskeuzes te verbinden met de praktijk in de regio.

Alles valt of staat uiteindelijk met de uitvoering van het akkoord. De centrale vraag is: hoe laat je toekomstig beleid effectief en rechtvaardig landen in de provincies en regio’s? Wij zien daarbij een cruciale rol voor de economic boards. Zij zijn bij uitstek de plek waar publiek-private samenwerking samenkomt, waar kennis van de regionale economie wordt gebundeld en waar overheid, onderwijs en bedrijfsleven elkaar weten te vinden. Economic boards beschikken over diepgaande kennis van regionale innovatieclusters, actuele ontwikkelingen met betrekking tot de arbeidsmarkt en investeringen en brede netwerken die noodzakelijk zijn om beleid om te zetten in concrete projecten en resultaten.

Onze oproep aan het nieuwe kabinet is daarom helder: gebruik de economic boards als vehikel voor het laten landen van nationaal beleid in de regio. Dat betekent concreet: betrek ons vroegtijdig bij de uitwerking van landelijke programma’s, stel gezamenlijk regionale uitvoeringsagenda’s op en benut onze netwerken om investeringen gericht en effectief in te zetten. Zo voorkomen we dat beleid op papier blijft steken en zorgen we ervoor dat het daadwerkelijk voelbaar wordt in bedrijven, op campussen en in onze steden en dorpen.

Nederland én Zuid-Holland snakken naar een vaste, duidelijke en stabiele koers. Het is van groot belang dat de randvoorwaarden weer op orde komen, denk aan investeringszekerheid, voldoende en betaalbare energie, ruimte voor innovatie, passende regelgeving en een goed opgeleide beroepsbevolking, zodat bedrijven weer willen én kunnen investeren in ons land. Dat is essentieel voor onze toekomstige welvaart én voor de strategische autonomie van Europa in een wereld die snel verandert.

Als Zuid-Holland staan wij klaar om deze handschoen op te pakken. Met onze sterke economische basis, onze kennisinstellingen van wereldniveau en onze brede ervaring met publiek-private samenwerking hebben we alles in huis om het verdienvermogen van de toekomst veilig te stellen. Wij dragen graag bij met onze kennis van regionale innovatieclusters, ontwikkelingen met betrekking tot de arbeidsmarkt en onze publiek-private netwerken, zodat nationaal beleid daadwerkelijk resulteert in uitvoering, banen en duurzame groei. Samen met het nieuwe kabinet, de Tweede en Eerste Kamer en onze partners in de regio bouwen we graag aan een sterke en weerbare economie.